Klauteren (to clamber) conjugation

Dutch
6 examples

Conjugation of eiti

Ik
Jij/Je/U
Hij/Zij/Het
Wij/We
Jullie
Zij
Present tense
klauter
I clamber
klautert
you clamber
klautert
he/she/it clambers
klauteren
we clamber
klauteren
you all clamber
klauteren
they clamber
Present perfect tense
heb geklauterd
I have clambered
hebt geklauterd
you have clambered
heeft geklauterd
he/she/it has clambered
hebben geklauterd
we have clambered
hebben geklauterd
you all have clambered
hebben geklauterd
they have clambered
Past tense
klauterde
I clambered
klauterde
you clambered
klauterde
he/she/it clambered
klauterden
we clambered
klauterden
you all clambered
klauterden
they clambered
Future tense
zal klauteren
I will clamber
zult klauteren
you will clamber
zal klauteren
he/she/it will clamber
zullen klauteren
we will clamber
zullen klauteren
you all will clamber
zullen klauteren
they will clamber
Ik
Jij/Je/U
Hij/Zij/Het
Wij/We
Jullie
Zij
Conditional mood
zou klauteren
I would clamber
zou klauteren
you would clamber
zou klauteren
he/she/it would clamber
zouden klauteren
we would clamber
zouden klauteren
you all would clamber
zouden klauteren
they would clamber
Subjunctive mood
klautere
I clamber
klautere
you clamber
klautere
he/she/it clamber
klautere
we clamber
klautere
you all clamber
klautere
they clamber
Past perfect tense
had geklauterd
I had clambered
had geklauterd
you had clambered
had geklauterd
he/she/it had clambered
hadden geklauterd
we had clambered
hadden geklauterd
you all had clambered
hadden geklauterd
they had clambered
Future perf.
zal geklauterd hebben
I will have clambered
zal geklauterd hebben
you will have clambered
zal geklauterd hebben
he/she/it will have clambered
zullen geklauterd hebben
we will have clambered
zullen geklauterd hebben
you all will have clambered
zullen geklauterd hebben
they will have clambered
Ik
Jij/Je/U
Hij/Zij/Het
Wij/We
Jullie
Zij
Conditional perfect tense
zou geklauterd hebben
I would have clambered
zou geklauterd hebben
you would have clambered
zou geklauterd hebben
he/she/it would have clambered
zouden geklauterd hebben
we would have clambered
zouden geklauterd hebben
you all would have clambered
zouden geklauterd hebben
they would have clambered
Du
Ihr
Imperative mood
klauter
clamber
klautert
clamber

Examples of klauteren

Example in DutchTranslation in English
"ermee achteruit te klauteren tegen de nestrand tot hij de top"clambered backwards with it up the side of the nest,
- Gewoon klauteren over de lichamen.Just clambered over the bodies.
Ik ben nu mijn echtgenoot's schulden aan het afbetalen, door over hem en onder hem te klauteren, als zijn behoefte beveelt, ben ik er.I now pay off my husband's debts by clambering over him and under him when his needs demand I should.
Maar terwijl Archaeopteryx zeker kon vliegen, het kon ook nog langs boomstammen omhoog klauteren over de takken Als een boom-levend reptiel, dankzij die klauwen aan zijn vingers.But while Archaeopteryx could certainly fly, it could also clamber up tree trunks and along the branches like a tree-living reptile, thanks to those clawed fingers.
Misschien hou ik haar wel en mag je Puntneus voor jezelf houden tot... in de eeuwigheid, mocht je erin slagen om weer ergens de werkelijkheid binnen te klauteren.Maybe I'll keep her, and you can have Pointy Nose to yourself for all eternity, should you manage to clamber aboard some sort of reality.
Ik had als meisje een prentenboek met een swami klauterend op een touwladder en verdwijnen.I had a picture book as a little girl with a swami clambering up a rope and disappearing.

More Dutch verbs

Related

Not found
We have none.

Similar

kladderen
draft approach
klapperen
chatter
klasseren
do
kletteren
clank
kleuteren
do
klisteren
do
klonteren
clot
kneuteren
do

Similar but longer

beklauteren
do
opklauteren
clamber

Other Dutch verbs with the meaning similar to 'clamber':

None found.
Learning languages?