Omboeken (to rebook) conjugation

Dutch
2 examples

Conjugation of eiti

Ik
Jij/Je/U
Hij/Zij/Het
Wij/We
Jullie
Zij
Present tense
boek om
I rebook
boekt om
you rebook
boekt om
he/she/it rebooks
boeken om
we rebook
boeken om
you all rebook
boeken om
they rebook
Present perfect tense
heb omgeboekt
I have rebooked
hebt omgeboekt
you have rebooked
heeft omgeboekt
he/she/it has rebooked
hebben omgeboekt
we have rebooked
hebben omgeboekt
you all have rebooked
hebben omgeboekt
they have rebooked
Past tense
boekte om
I rebooked
boekte om
you rebooked
boekte om
he/she/it rebooked
boekten om
we rebooked
boekten om
you all rebooked
boekten om
they rebooked
Future tense
zal omboeken
I will rebook
zult omboeken
you will rebook
zal omboeken
he/she/it will rebook
zullen omboeken
we will rebook
zullen omboeken
you all will rebook
zullen omboeken
they will rebook
Ik
Jij/Je/U
Hij/Zij/Het
Wij/We
Jullie
Zij
Conditional mood
zou omboeken
I would rebook
zou omboeken
you would rebook
zou omboeken
he/she/it would rebook
zouden omboeken
we would rebook
zouden omboeken
you all would rebook
zouden omboeken
they would rebook
Subjunctive mood
boeke om
I rebook
boeke om
you rebook
boeke om
he/she/it rebook
boeke om
we rebook
boeke om
you all rebook
boeke om
they rebook
Past perfect tense
had omgeboekt
I had rebooked
had omgeboekt
you had rebooked
had omgeboekt
he/she/it had rebooked
hadden omgeboekt
we had rebooked
hadden omgeboekt
you all had rebooked
hadden omgeboekt
they had rebooked
Future perf.
zal omgeboekt hebben
I will have rebooked
zal omgeboekt hebben
you will have rebooked
zal omgeboekt hebben
he/she/it will have rebooked
zullen omgeboekt hebben
we will have rebooked
zullen omgeboekt hebben
you all will have rebooked
zullen omgeboekt hebben
they will have rebooked
Ik
Jij/Je/U
Hij/Zij/Het
Wij/We
Jullie
Zij
Conditional perfect tense
zou omgeboekt hebben
I would have rebooked
zou omgeboekt hebben
you would have rebooked
zou omgeboekt hebben
he/she/it would have rebooked
zouden omgeboekt hebben
we would have rebooked
zouden omgeboekt hebben
you all would have rebooked
zouden omgeboekt hebben
they would have rebooked
Present bijzin tense
omboek
I rebook
omboekt
you rebook
omboekt
he/she/it rebooks
omboeken
we rebook
omboeken
you all rebook
omboeken
they rebook
Past bijzin tense
omboekte
I rebooked
omboekte
you rebooked
omboekte
he/she/it rebooked
omboekten
we rebooked
omboekten
you all rebooked
omboekten
they rebooked
Future bijzin tense
zal omboeken
I will rebook
zult omboeken
you will rebook
zal omboeken
he/she/it will rebook
zullen omboeken
we will rebook
zullen omboeken
you all will rebook
zullen omboeken
they will rebook
Ik
Jij/Je/U
Hij/Zij/Het
Wij/We
Jullie
Zij
Conditional bijzin mood
zou omboeken
I would rebook
zou omboeken
you would rebook
zou omboeken
he/she/it would rebook
zouden omboeken
we would rebook
zouden omboeken
you all would rebook
zouden omboeken
they would rebook
Subjunctive bijzin mood
omboeke
I rebook
omboeke
you rebook
omboeke
he/she/it rebook
omboeke
we rebook
omboeke
you all rebook
omboeke
they rebook
Du
Ihr
Imperative mood
boek om
rebook
boekt
rebook

Examples of omboeken

Example in DutchTranslation in English
Het is al een wonder dat ik onze tickets kon omboeken.Not chancing it. It's a miracle I got these seats rebooked.
Ik heb uw passage omgeboekt voor begin volgende maand.I've rebooked your passage for early next month.

More Dutch verbs

Related

Not found
We have none.

Similar

afboeken
flush
inboeken
check in
ombouwen
convert
opdoeken
do away with
opzoeken
visit

Similar but longer

Not found
We have none.

Other Dutch verbs with the meaning similar to 'rebook':

None found.
Learning languages?

Receive top verbs, tips and our newsletter free!

Languages Interested In