Rechtstaan (to stand up) conjugation

Dutch
20 examples

Conjugation of eiti

Ik
Jij/Je/U
Hij/Zij/Het
Wij/We
Jullie
Zij
Present tense
sta recht
I stand up
staat recht
you stand up
staat recht
he/she/it stands up
staan recht
we stand up
staan recht
you all stand up
staan recht
they stand up
Present perfect tense
ben rechtgestaan
I have stood up
bent rechtgestaan
you have stood up
is rechtgestaan
he/she/it has stood up
zijn rechtgestaan
we have stood up
zijn rechtgestaan
you all have stood up
zijn rechtgestaan
they have stood up
Past tense
stond recht
I stood up
stond recht
you stood up
stond recht
he/she/it stood up
stonden recht
we stood up
stonden recht
you all stood up
stonden recht
they stood up
Future tense
zal rechtstaan
I will stand up
zult rechtstaan
you will stand up
zal rechtstaan
he/she/it will stand up
zullen rechtstaan
we will stand up
zullen rechtstaan
you all will stand up
zullen rechtstaan
they will stand up
Ik
Jij/Je/U
Hij/Zij/Het
Wij/We
Jullie
Zij
Conditional mood
zou rechtstaan
I would stand up
zou rechtstaan
you would stand up
zou rechtstaan
he/she/it would stand up
zouden rechtstaan
we would stand up
zouden rechtstaan
you all would stand up
zouden rechtstaan
they would stand up
Subjunctive mood
sta recht
I stand up
sta recht
you stand up
sta recht
he/she/it stand up
sta recht
we stand up
sta recht
you all stand up
sta recht
they stand up
Past perfect tense
was rechtgestaan
I had stood up
was rechtgestaan
you had stood up
was rechtgestaan
he/she/it had stood up
waren rechtgestaan
we had stood up
waren rechtgestaan
you all had stood up
waren rechtgestaan
they had stood up
Future perf.
zal rechtgestaan zijn
I will have stood up
zal rechtgestaan zijn
you will have stood up
zal rechtgestaan zijn
he/she/it will have stood up
zullen rechtgestaan zijn
we will have stood up
zullen rechtgestaan zijn
you all will have stood up
zullen rechtgestaan zijn
they will have stood up
Ik
Jij/Je/U
Hij/Zij/Het
Wij/We
Jullie
Zij
Conditional perfect tense
zou rechtgestaan zijn
I would have stood up
zou rechtgestaan zijn
you would have stood up
zou rechtgestaan zijn
he/she/it would have stood up
zouden rechtgestaan zijn
we would have stood up
zouden rechtgestaan zijn
you all would have stood up
zouden rechtgestaan zijn
they would have stood up
Present bijzin tense
rechtsta
I stand up
rechtstaat
you stand up
rechtstaat
he/she/it stands up
rechtstaan
we stand up
rechtstaan
you all stand up
rechtstaan
they stand up
Past bijzin tense
rechtstond
I stood up
rechtstond
you stood up
rechtstond
he/she/it stood up
rechtstonden
we stood up
rechtstonden
you all stood up
rechtstonden
they stood up
Future bijzin tense
zal rechtstaan
I will stand up
zult rechtstaan
you will stand up
zal rechtstaan
he/she/it will stand up
zullen rechtstaan
we will stand up
zullen rechtstaan
you all will stand up
zullen rechtstaan
they will stand up
Ik
Jij/Je/U
Hij/Zij/Het
Wij/We
Jullie
Zij
Conditional bijzin mood
zou rechtstaan
I would stand up
zou rechtstaan
you would stand up
zou rechtstaan
he/she/it would stand up
zouden rechtstaan
we would stand up
zouden rechtstaan
you all would stand up
zouden rechtstaan
they would stand up
Subjunctive bijzin mood
rechtsta
I stand up
rechtsta
you stand up
rechtsta
he/she/it stand up
rechtsta
we stand up
rechtsta
you all stand up
rechtsta
they stand up
Du
Ihr
Imperative mood
sta recht
stand up
staat recht
stand up

Examples of rechtstaan

Example in DutchTranslation in English
- Blijf zitten, niet rechtstaan.No! Sit down! Don't stand up again, okay?
- De muziek die Jack doet rechtstaan!- The music that makes Jack stand up!
- Help me. U kan niet eens meer rechtstaan.You can't even stand up.
- Oh John, ik moet rechtstaan.- Oh dear, John, I must stand up.
Behalve rechtstaan.Except stand up.
Donald Miller, sta recht.Donald Miller, stand up.
En sta recht.- And stand up straight.
Goed idee, sta recht, handen achter je rug.Great idea-- stand up, put your hands behind your back. Let's go.
Jamie, sta recht.Jamie, stand up.
Johnny, sta recht en ga naar de watertafel.Johnny, stand up and go to the water table.
M'n nekharen staan recht overeind.You're making all the hairs on my neck stand up.
Ze staan recht overeind... kammen hun haar... en dragen een bustehouder.They tend to stand up straight and wear brassieres.
En Michael stond recht en zei,SCHNElDER: And Michael stood up and said,
De haren in m'n nek stonden recht overeind.It was like the hairs on the back of my neck stood up.
-Ik weet niet. Ik wist zelfs niet dat ik geraakt was tot ik rechtstond.Didn't even know I was hit until I stood up.
- Je zag me nog niet rechtstaand pissen.- Wait till you see me pee standing up.
- Werk je al rechtstaand?You work standing up?
Ben jij een vrouw? Je plast rechtstaand.Well, you're barely a woman You pee standing up!
Ik hoop dat je het graag rechtstaand doet.Hope you like doing it standing up.
Mijn oom Preston wil rechtstaand begraven worden zonder een kist.My uncle Preston wants to buried standing up without a casket.

More Dutch verbs

Related

Not found
We have none.

Similar

Not found
We have none.

Similar but longer

terechtstaan
stand trial

Other Dutch verbs with the meaning similar to 'stand up':

None found.
Learning languages?