Formaliseren (to formalize) conjugation

Dutch
6 examples

Conjugation of eiti

Ik
Jij/Je/U
Hij/Zij/Het
Wij/We
Jullie
Zij
Present tense
formaliseer
I formalize
formaliseert
you formalize
formaliseert
he/she/it formalizes
formaliseren
we formalize
formaliseren
you all formalize
formaliseren
they formalize
Present perfect tense
heb geformaliseerd
I have formalized
hebt geformaliseerd
you have formalized
heeft geformaliseerd
he/she/it has formalized
hebben geformaliseerd
we have formalized
hebben geformaliseerd
you all have formalized
hebben geformaliseerd
they have formalized
Past tense
formaliseerde
I formalized
formaliseerde
you formalized
formaliseerde
he/she/it formalized
formaliseerden
we formalized
formaliseerden
you all formalized
formaliseerden
they formalized
Future tense
zal formaliseren
I will formalize
zult formaliseren
you will formalize
zal formaliseren
he/she/it will formalize
zullen formaliseren
we will formalize
zullen formaliseren
you all will formalize
zullen formaliseren
they will formalize
Ik
Jij/Je/U
Hij/Zij/Het
Wij/We
Jullie
Zij
Conditional mood
zou formaliseren
I would formalize
zou formaliseren
you would formalize
zou formaliseren
he/she/it would formalize
zouden formaliseren
we would formalize
zouden formaliseren
you all would formalize
zouden formaliseren
they would formalize
Subjunctive mood
formalisere
I formalize
formalisere
you formalize
formalisere
he/she/it formalize
formalisere
we formalize
formalisere
you all formalize
formalisere
they formalize
Past perfect tense
had geformaliseerd
I had formalized
had geformaliseerd
you had formalized
had geformaliseerd
he/she/it had formalized
hadden geformaliseerd
we had formalized
hadden geformaliseerd
you all had formalized
hadden geformaliseerd
they had formalized
Future perf.
zal geformaliseerd hebben
I will have formalized
zal geformaliseerd hebben
you will have formalized
zal geformaliseerd hebben
he/she/it will have formalized
zullen geformaliseerd hebben
we will have formalized
zullen geformaliseerd hebben
you all will have formalized
zullen geformaliseerd hebben
they will have formalized
Ik
Jij/Je/U
Hij/Zij/Het
Wij/We
Jullie
Zij
Conditional perfect tense
zou geformaliseerd hebben
I would have formalized
zou geformaliseerd hebben
you would have formalized
zou geformaliseerd hebben
he/she/it would have formalized
zouden geformaliseerd hebben
we would have formalized
zouden geformaliseerd hebben
you all would have formalized
zouden geformaliseerd hebben
they would have formalized
Du
Ihr
Imperative mood
formaliseer
formalize
formaliseert
formalize

Examples of formaliseren

Example in DutchTranslation in English
Dan wordt je voorgeleidt aan een rechter waar hij de deal zal formaliseren.Then you'll be brought before a judge where he'll formalize the deal. Okay?
De enige reden dat ik het vraag is omdat ik onze wapenstilstand willen formaliseren.The only reason I ask is I want to formalize our ceasefire.
Dus als we ervoor kiezen om onze relatie te formaliseren zal ik je niet vertroetelen.And so, if we choose to formalize our relationship, I will not coddle you.
Dus ik vroeg me af, als je nee zegt, maat het niet uit,... maar ik dacht dat we misschien onze overeenkomst konden formaliseren.And... And it's cool if... If you say "no," whatever, but, um, I was thinking maybe we could um, formalize our arrangement.
En deze formaliseren de adoptie.And these would formalize an adoption.
Zodat onze underdog-status nu wordt geformaliseerd.As long as our underdog status is now formalized.

More Dutch verbs

Related

Not found
We have none.

Similar

normaliseren
standardize

Similar but longer

Not found
We have none.

Other Dutch verbs with the meaning similar to 'formalize':

None found.
Learning languages?