Bezwangeren (to impregnate) conjugation

Dutch
13 examples

Conjugation of eiti

Ik
Jij/Je/U
Hij/Zij/Het
Wij/We
Jullie
Zij
Present tense
bezwanger
I impregnate
bezwangert
you impregnate
bezwangert
he/she/it impregnates
bezwangeren
we impregnate
bezwangeren
you all impregnate
bezwangeren
they impregnate
Present perfect tense
heb bezwangerd
I have impregnated
hebt bezwangerd
you have impregnated
heeft bezwangerd
he/she/it has impregnated
hebben bezwangerd
we have impregnated
hebben bezwangerd
you all have impregnated
hebben bezwangerd
they have impregnated
Past tense
bezwangerde
I impregnated
bezwangerde
you impregnated
bezwangerde
he/she/it impregnated
bezwangerden
we impregnated
bezwangerden
you all impregnated
bezwangerden
they impregnated
Future tense
zal bezwangeren
I will impregnate
zult bezwangeren
you will impregnate
zal bezwangeren
he/she/it will impregnate
zullen bezwangeren
we will impregnate
zullen bezwangeren
you all will impregnate
zullen bezwangeren
they will impregnate
Ik
Jij/Je/U
Hij/Zij/Het
Wij/We
Jullie
Zij
Conditional mood
zou bezwangeren
I would impregnate
zou bezwangeren
you would impregnate
zou bezwangeren
he/she/it would impregnate
zouden bezwangeren
we would impregnate
zouden bezwangeren
you all would impregnate
zouden bezwangeren
they would impregnate
Subjunctive mood
bezwangere
I impregnate
bezwangere
you impregnate
bezwangere
he/she/it impregnate
bezwangere
we impregnate
bezwangere
you all impregnate
bezwangere
they impregnate
Past perfect tense
had bezwangerd
I had impregnated
had bezwangerd
you had impregnated
had bezwangerd
he/she/it had impregnated
hadden bezwangerd
we had impregnated
hadden bezwangerd
you all had impregnated
hadden bezwangerd
they had impregnated
Future perf.
zal bezwangerd hebben
I will have impregnated
zal bezwangerd hebben
you will have impregnated
zal bezwangerd hebben
he/she/it will have impregnated
zullen bezwangerd hebben
we will have impregnated
zullen bezwangerd hebben
you all will have impregnated
zullen bezwangerd hebben
they will have impregnated
Ik
Jij/Je/U
Hij/Zij/Het
Wij/We
Jullie
Zij
Conditional perfect tense
zou bezwangerd hebben
I would have impregnated
zou bezwangerd hebben
you would have impregnated
zou bezwangerd hebben
he/she/it would have impregnated
zouden bezwangerd hebben
we would have impregnated
zouden bezwangerd hebben
you all would have impregnated
zouden bezwangerd hebben
they would have impregnated
Du
Ihr
Imperative mood
bezwanger
impregnate
bezwangert
impregnate

Examples of bezwangeren

Example in DutchTranslation in English
'Dit komt net binnen', is was Marshall Eriksen zometeen gaat zeggen tegen z'n vrouw... als hij haar wilt bezwangeren.This just in... (Marshall and Lily scream) is what Marshall Eriksen is about to say to his wife as he attempts to impregnate her.
En dan bezwangeren ze de gastvrouw.Then they impregnate the host.
Hé stuud, als jij die deur nu eens dicht doet dan kunnen we dat koninginnetje daar 's gaan bezwangeren.Hey, home boy, why don't you go close that door? We'll get the prom queen impregnated.
Ik weet zoveel van haar cyclus, dat ik de druk voel om haar te bezwangeren.I know so much about her cycle, I'm feeling pressure to impregnate her.
Is het waar dat u grote sommen geld hebt ontvangen van lesbiennes om ze te bezwangeren?CHURCH: And isn't it true that you accepted large cash payments from lesbians to impregnate them?
Een moordenaar terroriseert een stad, en simpele jongen vent bezwangert haar en neemt haar gevangen.Shh! A killer terrorizes a city, a simple young man impregnates her, captures her.
30 jaar, negen maanden geleden verbrak ze die belofte... toen ze werd bezwangerd door haar zus Vivians verloofde.Thirty years, nine months ago, Lily broke that promise when she was impregnated by her sister Vivian 's fiancé.
Als ik je bezwangerd had zou je een tweeling krijgen.Yo, listen, if I impregnated you, you'd have twins.
De zoon van een maagd, bezwangerd door een geest.Himself the son of a virgin, impregnated, I believe, by a ghost.
Een verklaring, ingevolge waarvan mijn geliefde erkend te werden bezwangerd door, laten we zeggen, een ongebruikelijke methode.An affidavit pursuant to which my beloved acknowledges she was impregnated by, shall we say, unconventional means.
En dit is Brooke, het meisje van de bieb dat ik bezwangerd heb.And, mrs. Forman, this is Brooke, the hot librarian I impregnated. Well, I am so happy you two are here.
Dan bezwangerde hij haar en liet me geloven dat Lola van mij was.And then, let him tell it, he impregnated her, and let me believe that Lola was mine.
Shirley Bellinger, voordat ze geëxecuteerd werd, gaf me een hint over de degene wie haar bezwangerde.Shirley Bellinger, before she was executed, gave me a little hint as to who impregnated her when she was in Oz.

More Dutch verbs

Related

Not found
We have none.

Similar

bezwadderen
slander

Similar but longer

Not found
We have none.

Random

beweren
claim
bewerkstelligen
accomplish
bewilligen
rest content
bewimpelen
gloze
bezetten
occupy
bezwalken
tarnish
bezwaren
burden
bijdragen
contribute
bijeentellen
do
bijeenvoegen
aggregate

Other Dutch verbs with the meaning similar to 'impregnate':

None found.
Learning languages?