Vereenvoudigen (to simplify) conjugation

Dutch
20 examples

Conjugation of eiti

Ik
Jij/Je/U
Hij/Zij/Het
Wij/We
Jullie
Zij
Present tense
vereenvoudig
I simplify
vereenvoudigt
you simplify
vereenvoudigt
he/she/it simplifies
vereenvoudigen
we simplify
vereenvoudigen
you all simplify
vereenvoudigen
they simplify
Present perfect tense
heb vereenvoudigd
I have simplified
hebt vereenvoudigd
you have simplified
heeft vereenvoudigd
he/she/it has simplified
hebben vereenvoudigd
we have simplified
hebben vereenvoudigd
you all have simplified
hebben vereenvoudigd
they have simplified
Past tense
vereenvoudigde
I simplified
vereenvoudigde
you simplified
vereenvoudigde
he/she/it simplified
vereenvoudigden
we simplified
vereenvoudigden
you all simplified
vereenvoudigden
they simplified
Future tense
zal vereenvoudigen
I will simplify
zult vereenvoudigen
you will simplify
zal vereenvoudigen
he/she/it will simplify
zullen vereenvoudigen
we will simplify
zullen vereenvoudigen
you all will simplify
zullen vereenvoudigen
they will simplify
Ik
Jij/Je/U
Hij/Zij/Het
Wij/We
Jullie
Zij
Conditional mood
zou vereenvoudigen
I would simplify
zou vereenvoudigen
you would simplify
zou vereenvoudigen
he/she/it would simplify
zouden vereenvoudigen
we would simplify
zouden vereenvoudigen
you all would simplify
zouden vereenvoudigen
they would simplify
Subjunctive mood
vereenvoudige
I simplify
vereenvoudige
you simplify
vereenvoudige
he/she/it simplify
vereenvoudige
we simplify
vereenvoudige
you all simplify
vereenvoudige
they simplify
Past perfect tense
had vereenvoudigd
I had simplified
had vereenvoudigd
you had simplified
had vereenvoudigd
he/she/it had simplified
hadden vereenvoudigd
we had simplified
hadden vereenvoudigd
you all had simplified
hadden vereenvoudigd
they had simplified
Future perf.
zal vereenvoudigd hebben
I will have simplified
zal vereenvoudigd hebben
you will have simplified
zal vereenvoudigd hebben
he/she/it will have simplified
zullen vereenvoudigd hebben
we will have simplified
zullen vereenvoudigd hebben
you all will have simplified
zullen vereenvoudigd hebben
they will have simplified
Ik
Jij/Je/U
Hij/Zij/Het
Wij/We
Jullie
Zij
Conditional perfect tense
zou vereenvoudigd hebben
I would have simplified
zou vereenvoudigd hebben
you would have simplified
zou vereenvoudigd hebben
he/she/it would have simplified
zouden vereenvoudigd hebben
we would have simplified
zouden vereenvoudigd hebben
you all would have simplified
zouden vereenvoudigd hebben
they would have simplified
Du
Ihr
Imperative mood
vereenvoudig
simplify
vereenvoudigt
simplify

Examples of vereenvoudigen

Example in DutchTranslation in English
- Laat me het vereenvoudigen, beginneling... De slechte lucht maakt het schip: boem.- Let me simplify, Rookie bad air make ship go boom.
-lk wil de zaak vereenvoudigen.No, I'm here unofficially. I'm just trying to simplify the situation.
Als een gunst aan hen en voor mijn eigen gemoedsrust, geef ik de voorkeur om dingen te vereenvoudigen.As a favor to them and for my own peace of mind, I prefer to simplify things.
Als we het gewoon wat konden vereenvoudigen... - Ik zei we zijn klaar!- If we could just simplify...
Carol, laat deze gemeenschappelijke rekening vereenvoudigen.Carol, have legal simplify these mutual accounts, huh?
Waarom niet gewoon een keer 'vereenvoudig'?Why didn't he just say one 'simplify'?
vereenvoudig, vereenvoudig.Simplify, simplify."
En het vereenvoudigt de administratie, dus het is een goed idee.And itwould simplify ouradministration. - So it's a good idea.
Je vereenvoudigt deze familie zijn decennia publieke service voor het dramatische effect, hm?You are simplifying this family's decades of public service for dramatic effect, right?
Het is de ervaring van een groot kunstenaar vereenvoudigd tot de essentie.It's the experience of a great artist simplified to its essence.
Het is toegestaan om effecten aan te bieden met behulp van een vereenvoudigd prospectus dat is voorzien...It is permitted to offer securities using a simplified prospectus that incorporates...
Ik denk dat het menu vereenvoudigd moet worden. Dat de kwaliteit van het voedsel omhoog moet, en op hun beurt betalen de klanten meer.I believe the menu needs to be simplified, the quality of food needs to be higher, and in turn, the people will pay more.
Ik heb het idee verfijnd en vereenvoudigd.I have refined the idea. I've simplified it.
Ik heb mijn garderobe vereenvoudigd.I've simplified my wardrobe.
Dit proces wordt nu herhaald in de consument in vereenvoudigde termen.This process is now repeated in the consumer in simplified terms.
Hij vereenvoudigde en haalde alles dooreen.He simplified. He got things mixed up.
Hij vereenvoudigde...He simplified...
In een mooie weerspiegeling van dit proces in vereenvoudigde termen, de consument maakt nu de voordelen kapot van dezelfde natuurlijke bescherming door het eten van deze planten.In a beautiful reflection of this process in simplified terms, the consumer now will rip the benefits of the same natural protection by eating these plants.
Net als een echt paard, maar dan een vereenvoudigde versie.It's like life. But in a simplified version.
Dus we vereenvoudigden het geheel... en we ronden alles af naar beneden... en het restant stoppen we op een rekening die we net hebben geopend.So we simplified the whole thing... and we round 'em all down and drop the remainder... into an account that we opened.

More Dutch verbs

Related

Not found
We have none.

Similar

Not found
We have none.

Similar but longer

Not found
We have none.

Random

verdampen
evaporate
verdapperen
do
verdietsen
do
verduffen
get drowsy
verdwalen
get lost
vereelten
disappear
vereenzamen
do
vergasten
treat
vergemakkelijken
facilitate
vergewissen
ascertain

Other Dutch verbs with the meaning similar to 'simplify':

None found.
Learning languages?