Conjugation
Etymology
Blog
Courses
Get a Dutch Tutor
Conjugation
Etymology
Blog
uitzwavelen
to do
Conjugation
Details
Looking for learning resources?
Study with our courses!
Get a full course →
Conjugation
of
uitzwavelen
Translation
Ik
Jij/Je/U
Hij/Zij/Het
Wij/We
Jullie
Zij
Present tense
zwavel uit
I do
zwavelt uit
you do
zwavelt uit
he/she/it does
zwavelen uit
we do
zwavelen uit
you all do
zwavelen uit
they do
Present perfect tense
heb uitgezwaveld
I have done
hebt uitgezwaveld
you have done
heeft uitgezwaveld
he/she/it has done
hebben uitgezwaveld
we have done
hebben uitgezwaveld
you all have done
hebben uitgezwaveld
they have done
Past tense
zwavelde uit
I did
zwavelde uit
you did
zwavelde uit
he/she/it did
zwavelden uit
we did
zwavelden uit
you all did
zwavelden uit
they did
Future tense
zal uitzwavelen
I will do
zult uitzwavelen
you will do
zal uitzwavelen
he/she/it will do
zullen uitzwavelen
we will do
zullen uitzwavelen
you all will do
zullen uitzwavelen
they will do
Ik
Jij/Je/U
Hij/Zij/Het
Wij/We
Jullie
Zij
Conditional mood
zou uitzwavelen
I would do
zou uitzwavelen
you would do
zou uitzwavelen
he/she/it would do
zouden uitzwavelen
we would do
zouden uitzwavelen
you all would do
zouden uitzwavelen
they would do
Subjunctive mood
zwavele uit
I do
zwavele uit
you do
zwavele uit
he/she/it do
zwavele uit
we do
zwavele uit
you all do
zwavele uit
they do
Past perfect tense
had uitgezwaveld
I had done
had uitgezwaveld
you had done
had uitgezwaveld
he/she/it had done
hadden uitgezwaveld
we had done
hadden uitgezwaveld
you all had done
hadden uitgezwaveld
they had done
Future perf.
zal uitgezwaveld hebben
I will have done
zal uitgezwaveld hebben
you will have done
zal uitgezwaveld hebben
he/she/it will have done
zullen uitgezwaveld hebben
we will have done
zullen uitgezwaveld hebben
you all will have done
zullen uitgezwaveld hebben
they will have done
Ik
Jij/Je/U
Hij/Zij/Het
Wij/We
Jullie
Zij
Conditional perfect tense
zou uitgezwaveld hebben
I would have done
zou uitgezwaveld hebben
you would have done
zou uitgezwaveld hebben
he/she/it would have done
zouden uitgezwaveld hebben
we would have done
zouden uitgezwaveld hebben
you all would have done
zouden uitgezwaveld hebben
they would have done
Present bijzin tense
uitzwavel
I do
uitzwavelt
you do
uitzwavelt
he/she/it does
uitzwavelen
we do
uitzwavelen
you all do
uitzwavelen
they do
Past bijzin tense
uitzwavelde
I did
uitzwavelde
you did
uitzwavelde
he/she/it did
uitzwavelden
we did
uitzwavelden
you all did
uitzwavelden
they did
Future bijzin tense
zal uitzwavelen
I will do
zult uitzwavelen
you will do
zal uitzwavelen
he/she/it will do
zullen uitzwavelen
we will do
zullen uitzwavelen
you all will do
zullen uitzwavelen
they will do
Ik
Jij/Je/U
Hij/Zij/Het
Wij/We
Jullie
Zij
Conditional bijzin mood
zou uitzwavelen
I would do
zou uitzwavelen
you would do
zou uitzwavelen
he/she/it would do
zouden uitzwavelen
we would do
zouden uitzwavelen
you all would do
zouden uitzwavelen
they would do
Subjunctive bijzin mood
uitzwavele
I do
uitzwavele
you do
uitzwavele
he/she/it do
uitzwavele
we do
uitzwavele
you all do
uitzwavele
they do
Du
Ihr
Imperative mood
zwavel uit
do
zwavelt uit
do
Further details about this page
LOCATION
Cooljugator
/
Dutch
/
uitzwavelen
RELATED PAGES
ontzwavelen
do
Back to Top