Conjugation
Etymology
Blog
Courses
Get a Dutch Tutor
Conjugation
Etymology
Blog
meezeilen
to cabin
Conjugation
Details
Looking for learning resources?
Study with our courses!
Get a full course →
Conjugation
of
meezeilen
Translation
Ik
Jij/Je/U
Hij/Zij/Het
Wij/We
Jullie
Zij
Present tense
zeil mee
I cabin
zeilt mee
you cabin
zeilt mee
he/she/it cabins
zeilen mee
we cabin
zeilen mee
you all cabin
zeilen mee
they cabin
Present perfect tense
heb meegezeild
I have cabined
hebt meegezeild
you have cabined
heeft meegezeild
he/she/it has cabined
hebben meegezeild
we have cabined
hebben meegezeild
you all have cabined
hebben meegezeild
they have cabined
Past tense
zeilde mee
I cabined
zeilde mee
you cabined
zeilde mee
he/she/it cabined
zeilden mee
we cabined
zeilden mee
you all cabined
zeilden mee
they cabined
Future tense
zal meezeilen
I will cabin
zult meezeilen
you will cabin
zal meezeilen
he/she/it will cabin
zullen meezeilen
we will cabin
zullen meezeilen
you all will cabin
zullen meezeilen
they will cabin
Ik
Jij/Je/U
Hij/Zij/Het
Wij/We
Jullie
Zij
Conditional mood
zou meezeilen
I would cabin
zou meezeilen
you would cabin
zou meezeilen
he/she/it would cabin
zouden meezeilen
we would cabin
zouden meezeilen
you all would cabin
zouden meezeilen
they would cabin
Subjunctive mood
zeile mee
I cabin
zeile mee
you cabin
zeile mee
he/she/it cabin
zeile mee
we cabin
zeile mee
you all cabin
zeile mee
they cabin
Past perfect tense
had meegezeild
I had cabined
had meegezeild
you had cabined
had meegezeild
he/she/it had cabined
hadden meegezeild
we had cabined
hadden meegezeild
you all had cabined
hadden meegezeild
they had cabined
Future perf.
zal meegezeild hebben
I will have cabined
zal meegezeild hebben
you will have cabined
zal meegezeild hebben
he/she/it will have cabined
zullen meegezeild hebben
we will have cabined
zullen meegezeild hebben
you all will have cabined
zullen meegezeild hebben
they will have cabined
Ik
Jij/Je/U
Hij/Zij/Het
Wij/We
Jullie
Zij
Conditional perfect tense
zou meegezeild hebben
I would have cabined
zou meegezeild hebben
you would have cabined
zou meegezeild hebben
he/she/it would have cabined
zouden meegezeild hebben
we would have cabined
zouden meegezeild hebben
you all would have cabined
zouden meegezeild hebben
they would have cabined
Present bijzin tense
meezeil
I cabin
meezeilt
you cabin
meezeilt
he/she/it cabins
meezeilen
we cabin
meezeilen
you all cabin
meezeilen
they cabin
Past bijzin tense
meezeilde
I cabined
meezeilde
you cabined
meezeilde
he/she/it cabined
meezeilden
we cabined
meezeilden
you all cabined
meezeilden
they cabined
Future bijzin tense
zal meezeilen
I will cabin
zult meezeilen
you will cabin
zal meezeilen
he/she/it will cabin
zullen meezeilen
we will cabin
zullen meezeilen
you all will cabin
zullen meezeilen
they will cabin
Ik
Jij/Je/U
Hij/Zij/Het
Wij/We
Jullie
Zij
Conditional bijzin mood
zou meezeilen
I would cabin
zou meezeilen
you would cabin
zou meezeilen
he/she/it would cabin
zouden meezeilen
we would cabin
zouden meezeilen
you all would cabin
zouden meezeilen
they would cabin
Subjunctive bijzin mood
meezeile
I cabin
meezeile
you cabin
meezeile
he/she/it cabin
meezeile
we cabin
meezeile
you all cabin
meezeile
they cabin
Du
Ihr
Imperative mood
zeil m
cabin
zeilt
cabin
Further details about this page
LOCATION
Cooljugator
/
Dutch
/
meezeilen
RELATED PAGES
meezeulen
lug around
Back to Top