Inboezemen (to instill) conjugation

Dutch
6 examples

Conjugation of eiti

Ik
Jij/Je/U
Hij/Zij/Het
Wij/We
Jullie
Zij
Present tense
boezem in
I instill
boezemt in
you instill
boezemt in
he/she/it instills
boezemen in
we instill
boezemen in
you all instill
boezemen in
they instill
Present perfect tense
heb ingeboezemd
I have instilled
hebt ingeboezemd
you have instilled
heeft ingeboezemd
he/she/it has instilled
hebben ingeboezemd
we have instilled
hebben ingeboezemd
you all have instilled
hebben ingeboezemd
they have instilled
Past tense
boezemde in
I instilled
boezemde in
you instilled
boezemde in
he/she/it instilled
boezemden in
we instilled
boezemden in
you all instilled
boezemden in
they instilled
Future tense
zal inboezemen
I will instill
zult inboezemen
you will instill
zal inboezemen
he/she/it will instill
zullen inboezemen
we will instill
zullen inboezemen
you all will instill
zullen inboezemen
they will instill
Ik
Jij/Je/U
Hij/Zij/Het
Wij/We
Jullie
Zij
Conditional mood
zou inboezemen
I would instill
zou inboezemen
you would instill
zou inboezemen
he/she/it would instill
zouden inboezemen
we would instill
zouden inboezemen
you all would instill
zouden inboezemen
they would instill
Subjunctive mood
boezeme in
I instill
boezeme in
you instill
boezeme in
he/she/it instill
boezeme in
we instill
boezeme in
you all instill
boezeme in
they instill
Past perfect tense
had ingeboezemd
I had instilled
had ingeboezemd
you had instilled
had ingeboezemd
he/she/it had instilled
hadden ingeboezemd
we had instilled
hadden ingeboezemd
you all had instilled
hadden ingeboezemd
they had instilled
Future perf.
zal ingeboezemd hebben
I will have instilled
zal ingeboezemd hebben
you will have instilled
zal ingeboezemd hebben
he/she/it will have instilled
zullen ingeboezemd hebben
we will have instilled
zullen ingeboezemd hebben
you all will have instilled
zullen ingeboezemd hebben
they will have instilled
Ik
Jij/Je/U
Hij/Zij/Het
Wij/We
Jullie
Zij
Conditional perfect tense
zou ingeboezemd hebben
I would have instilled
zou ingeboezemd hebben
you would have instilled
zou ingeboezemd hebben
he/she/it would have instilled
zouden ingeboezemd hebben
we would have instilled
zouden ingeboezemd hebben
you all would have instilled
zouden ingeboezemd hebben
they would have instilled
Present bijzin tense
inboezem
I instill
inboezemt
you instill
inboezemt
he/she/it instills
inboezemen
we instill
inboezemen
you all instill
inboezemen
they instill
Past bijzin tense
inboezemde
I instilled
inboezemde
you instilled
inboezemde
he/she/it instilled
inboezemden
we instilled
inboezemden
you all instilled
inboezemden
they instilled
Future bijzin tense
zal inboezemen
I will instill
zult inboezemen
you will instill
zal inboezemen
he/she/it will instill
zullen inboezemen
we will instill
zullen inboezemen
you all will instill
zullen inboezemen
they will instill
Ik
Jij/Je/U
Hij/Zij/Het
Wij/We
Jullie
Zij
Conditional bijzin mood
zou inboezemen
I would instill
zou inboezemen
you would instill
zou inboezemen
he/she/it would instill
zouden inboezemen
we would instill
zouden inboezemen
you all would instill
zouden inboezemen
they would instill
Subjunctive bijzin mood
inboezeme
I instill
inboezeme
you instill
inboezeme
he/she/it instill
inboezeme
we instill
inboezeme
you all instill
inboezeme
they instill
Du
Ihr
Imperative mood
boezem in
instill
boezemt in
instill

Examples of inboezemen

Example in DutchTranslation in English
Het moreel steunen, de ongehoorzamen en dwarsliggers straffen. De officieren moeten weer respect inboezemen.Reinforcing morale, punishing those who're insubordinate and rebellious instilling a new respect for ranking officers
Ik geloof dat hoewel ze 's nachts angst inboezemen... deze wezens zich vermommen als normale burgers.And I believe that while instilling fear by night these beings cloak themselves as normal members of society.
Voodoo werkt door het inboezemen van angst.Mulder, voodoo only works by instilling fear in its believers.
Ik weet dat ik nu niet bepaald veel vertrouwen inboezem.I know I'm not doing my best to instill a sense of confidence in my abilities.
Angst beschermt hem, maar de angst die hij inboezemt... Stilte verbergt dat niet.He thinks fear protects him, but fear he instills, silence can't hide it.
Door de angst die de wolf inboezemde... kregen de wapiti's hun natuurlijke schuwheid terug.The culture of fear instilled by the wolf returned the elk to their naturally flighty state.

More Dutch verbs

Related

Not found
We have none.

Similar

Not found
We have none.

Similar but longer

Not found
We have none.

Random

homogeniseren
run
iaën
do
ijken
calibrate
inactiveren
inactivate
inbedden
embed
inbeelden
imagine
inblazen
breathe
inboeten
replace
inboren
drill in
induceren
do

Other Dutch verbs with the meaning similar to 'instill':

None found.
Learning languages?